Melissa
Melissa exterieur Melissa interieur Reisverslag 1 Reisverslag 2 Reisverslag 3 Reisverslag 4 Reisverslag 5 Reisverslag 6 Reisverslag 7 Reisverslag 8 Home Charron Le Moulin du Siffré Melissa Contact Webcams Reisverslag 5
28 LEVKAS GEBIED We liggen al weer enkele dagen in de Vlikho baai van Levkas als de Antica met Claus en Irene binnen loopt. Gezamelijk gaan we s'avonds bij Hypocampus eten, een restaurant waar we wel vaker komen. De eigenaar, Janus, is een echte Griek maar dan van het bescheiden soort en hij doet zijn best om het ons naar de zin te maken. Ons voorgerecht, een verzameling heerlijke Griekse hapje wordt op enorme Delftsblauwe borden geserveerd die Janus heeft gekocht toen hij een tijd in Brussel werkte. We zitten aan onze "stamtafel" aan het water en kijken over de baai en natuurlijk naar Melissa. Hoewel er zelden meer dan enkele gasten komen is er elke avond een bazookie duo die verantwoordelijk is voor de bescheiden romantische klanken over het water. We genieten vele dagen van de rust in Vlikho baai waarbij we vaak niet precies weten welke dag het is. Als we dan naar de wereldomroep luisteren en toevalig horen dat het zaterdag is valt dat mee want we dachten beide dat het zondag was. Thea's broden worden nog steeds lekkerder waardoor we net zo lang onafhankelijk van de wal zijn als de groenten en het fruit goedblijven. Fruit wordt dan ook met de grootste zorg geselecteerd waarbij de verkopers in eerste instantie bedenkelijk kijken maar ontdooien als ze merken dat we grote hoeveelheden kopen. We eten naar verhouding veel fruit en groenten en voelen ons daar wel bij. We ontmoeten weer enkele Nederlanders die al enkele jaren onderweg zijn en grote plannen hebben om in Nederland een schip naar eigen ontwerp te maken. Aangezien hij volgend jaar voor de WAO herkeurd moet worden en geen baan verwacht (hoopt) te krijgen is daar alle tijd voor......Lang leve de Nederlandse vleespotten. In Nidri, een klein maar zeer toeristisch plaatsje, tanken we water en halen we groenten maar gaan daarna zo gauw mogelijk weer voor anker want boten langszij vermijden we zo veel mogelijk. Gelukkig is de normale afmeer methode hier, zoals in de gehele Middel-landsezee, met de kop of kont naar de wal en niet, zoals in Nederland, langszij de kant met buren die over jouw dek moeten om aan land te gaan. Je moet wel goed achteruitvarend kunnen ankeren en dat zijn de meeste Nederlanders niet gewend, wat ook wel blijkt uit het stuntelige gedrag van velen die hier voor de vakantie een boot huren. 25 Juni varen we naar Meganisi, een eiland met grote inhammen en een indrukwekkende natuur. Helaas is er een wespenplaag in de Athenibaai en we zijn genoodzaakt de hele dag de muggentent over de kuip te laten. Gemaakt van vitragestof en gebruikmakend van dezelfde clips als de normale kuiptent is dit een ideale oplossing tegen muggen en ander vliegend ongedierte. Aangezien we ook horren over onze dekluiken en in de patrijspoorten hebben blijft Melissa meestal muggen en vliegenvrij. We beklagen de andere boten die dan ook meestal niet lang blijven zodat de baai rustig blijft. In een tent leven is echter niet ons idee van een vrij leven en de volgende dag willen we naar Sivota, volgens de pilot erg populair en wij willen wel eens weten waarom. Helaas werkt de wind niet mee en er staat een windkracht 6 tegen in de straat van Meganisi en omdat we geen zin hebben de kussens uit de kuip te halen zeilen we terug naar Vlikho baai. We willen weer bij Hipocampus eten maar door de valwinden lijkt het ons beter aan boord te blijven. Tot middernacht scharrelen de boten door de baai om vaste ankergrond te vinden en de toppen van de golven stuiven over de baai bij een dikke windkracht 7. De volgende morgen moeten we om 8 uur de kooi uit vanwege de warmte en we zetten alle poorten en luiken weer open. s'Middags neemt de wind weer toe maar niet zo erg als gisteren en alleen de voorste zonnetent moeten we binnenhalen. We blijven tot 29 juni in Vlikho baai en ontmoeten Joop en Ria met de Jambo weer, die zelfs in deze baai hebben overwinterd. We geven hun onze oude boeken en krijgen enkele door ons zeer op prijs gestelde anti-rook stickers waarmee we de kuip ook tot niet-roken zone verklaren (sorry Rolf, Marcel, Claus, Kees ea.) Als de wind is gaan liggen en er zoals gebruikelijk dus weer helemaal geen wind staat varen we alsnog naar Sivota en liggen twee dagen in deze kleine en aardige baai voor anker. Ons volgende reisdoel is Vasiliki, waar we aan de pier gaan liggen, natuurlijk weer met de kont naar de wal zoals iedereen. Het nadeel is echter wel dat als je anker niet goed pakt en er steekt een flinke dwarswind op menig schip op drift raakt. Ook deze keer neemt de wind flink toe en een Duitser knalt met zijn boot tegen de kaai. We helpen zijn schip afduwen waarbij blijkt dat hij zelfs geen goede knoop kan leggen. s'Nachts is het weer rustig en worden we alleen wakker van een man die de hele nacht naast ons schip zit te vissen. Hij doet z'n best om stil te zijn maar met alle patrijspoorten open hoor je elk geluid. Elke keer dat hij een vis vangt worden we wakker van het tegenspartelen. Het wordt ons al snel weer te druk in deze touristische haven en we vertrekken naar Fiscardo. Met alleen de grote kluiver en een achterlijke wind die ons een snelheid geeft van 5-6 knopen genieten we van een mooie overtocht. We gaan voor anker met een lijn aan de wal om niet al te veel ruimte in beslag te nemen. Een Amerikaan, die er weliswaar als eerste en enige lag, heeft geen achterlijn en hij draait de hele nacht om z'n anker waarbij hij tegen meerder schepen aantikt in de inmiddels volgeworden baai. Ook wij worden wakker als hij tegen ons aankomt en ik duw hem af waarbij ik "per ongeluk" enkel tikken tegen zijn romp en preekstoel geef. Hij verschijnt niet en we hangen alle 6 stootwil-len en de bijboot langszij als buffer. Ook een Italiaans schip ziet eruit als een verstevigd fort en ze komen nu en dan aan dek om af te duwen. Wij hebben verder geen last van hem en ik kan gelukkig de volgende dag mijn ongenoegen uiten want hij is nog steeds Amerikaans-vriendelijk; als vele Amerikanen een bret voor de kop of gisteravond te diep in het glaasje gekeken. Van Marcel en ClaarEls (nogmaals bedankt!) hebben we een videoband toegezonden gekregen met een documentaire over Ithaca en enkele andere eilanden waar Odyseus zijn thuishaven zou hebben gehad. Bij het nogmaals bezien van de interessante film herkennen we de locaties en we hebben er lol in de plaatsen uit te zoeken waar de camera moet hebben gestaan. Eén locatie is notabene precies van af de heuvel waarvoor wij op dit moment liggen! We liggen nog een week in Fiscardo met gemengde gevoelens want het wordt steeds drukker en de gemoederen worden dagelijks verhit als nieuwkomers hun anker over de reeds liggende kettingen heenleggen of een verkeerde ankermanouvre uitvoeren. Een huurschip met een Nederlands gezin met 2 dochters en een zoon krijgt onderling zo'n ruzie dat zelfs de volgende morgen een echtscheiding nog de enige oplossing lijkt. Uit plaatsver-vangende schaamte voor onze landgenoten die in de wijde omgeving zijn te horen halen we onze Nederlandse driekleur naar beneden. Als we op een avond in het restaurant van Nicolas eten waarbij we een goed uitzicht over de baai hebben zien we bij toenemende wind diverse boten op drift gaan en zien ook de boten naast ons gevaarlijk dichtbij komen. Tot twee keer toe vaar ik naar Melissa terug om assistentie te verlenen. Voor de smaak van het eten maakte het niet veel uit want na dit eerste en laatste bezoek aan zijn resaurant heeft hij voor ons de bijnaam "Nicolas frituur" gekregen. Als ook nog een Spanjaard tot middernacht z'n generator laat draaien is het voor ons genoeg geweest en vertrekken we naar Ithaca. We hebben een rustige overtocht waarbij de motor helaas weer moet helpen maar dat geeft ons wel de mogelijkheid het prachtige maar piepkleine haventje van Kioni even in te varen. Op Ithaca gaan we bij Vathi aan de wal liggen om het stadje te bezichtigen met z'n kleine museum en huren een scootertje. We crossen over het hele eiland, soms op onverharde wegen en bezoeken diverse archeologische plaatsen of wat daar voor moet doorgaan en een klooster. De Grieken weten wel hoe ze een stuk verkleurde aarde moeten exploiteren en elke grot krijgt een plaats in de Odyseus. We hebben een fantastische dag met geweldige uitzichten over de baaien vanaf grote hoogte. Je moet er niet aan denken dat de scooter het begeeft want het is hier erg verlaten en als je niet rijdt bloedheet. Rijdend zonder helm en in korte broek en met zo'n 45 km per uur door de bergen rijdt, wat voor ons gevoel al erg hard gaat, voel je de vermanende vinger van Veilig Verkeer Nederland. De volgende morgen gaan we in de baai van Vathi voor anker en leggen Melissa met de kont in de wind voor maximale verkoeling. Bij het anker opgaan, enkele dagen later, komt er een 70 meter lange 10mm nylon ankerlijn mee omhoog die na schoonmaken splinter-nieuw blijkt te zijn. We zijn van plan begin augustus onze reis richting Egeïsche zee voort te zetten en om voldoende proviand aan boord te hebben varen we naar Nidri en blijven nog wat liggen in Vlikhobaai.   29 GOLF VAN KORINTHE Op 8 augustus halen we al vroeg ons anker op, aangezien dan de warmte van de dag nog draagbaar is. We motoren het hele traject naar Leone op Kalamos. Het is een verlaten dorp dat na een aardbeving niet meer is opgebouwd. Alleen de kerk wordt nog onderhouden. Het is een vreemd gezicht, alsof de beving vorige week plaats vond. Wij hebben zelf in Vlikhobaai ook enkel aardbevingen gehoord wat in deze omgeving vrij normaal is. Het klinkt als een dof gedreun diep onder het schip. Waarschijnlijk horen wij met ons stalen het beter als de polyester of houten schepen. Het water in Leone is helder en met 25 graden iets frisser maar heerlijk om te zwemmen.  Twee dagen later zou de wind volgens de prognoses NW 4 moeten zijn maar als we onderweg zijn wordt het dus zuiderwind en dat is dus onze vaarrichting. Weer moet de motor meehelpen als we ons doel, Nisis Petalas, voor het donker willen bereiken. Het is een praktisch onbewoond gebied met aan het eind van de baai een rivierdelta met moeras en aan twee kanten hoge bergen. Bij het voor anker gaan vaar ik te snel achteruit en als het anker meteen houdt schiet door de grote kracht de ketting enkele meters over het kettingnest van de ankerwinch. Niet echt goed voor de kettingschijf die al aardig sporen van gebruik gaat vertonen. Wellicht daardoor schiet de ketting er sneller overheen dan voorheen en een nieuwe schijf wordt op de boodschappenlijst gezet. s'Avonds krijgen we voor het eerst in vele maanden een verfrissende onweersbui die net op tijd komt want op een verre heuvel is een flinke bosbrand ontstaan die met blusvliegtuigen wordt bestreden. Tot diep in de nacht zien we de rode gloed van de brand die telkens weer oplaait. Overdag lezen we uitgebreid de kranten die we nog in Nidri hebben gekocht, wel een verschil met ons werkzame leven toen we soms uit tijdgebrek niet meer dan een kwartier-tje aan de kranten besteedden. We verbazen ons echter wel over de onzinnige informatie van de Telegraaf (helaas de meest verkrijgbare krant) zoals: " burgemeester van Vlieland redt parkietje op zee" en andere onzin. Nu is het voor jullie ook niet interessant dat onze poes alle libelles uit de kuip mept en daarna tevreden gaat slapen maar dit verslag wordt dan ook in beperkte oplage verspreid en is gratis.   Na Petalas is Mesolongion aan de beurt en op weg daar naar toe zien we, nu van dichterbij, weer een flinke brand die door dezelfde blusvliegtuigen wordt bestreden maar door de stevige wind steeds weer hevig oplaait. Van de begroeiing op het eiland blijft slechts een enkel stuk gespaard.   Mesalongion ligt in een laagvlakte en heeft een ongeveer 3 km lang kanaal naar zee met prachtige vissershuisjes op palen aan weerszijden. De mensen zijn erg vriendelijk en we worden lopend naar het stadje op verse vijgen uit eigen tuin onthaald door een stel oude mensen in een klein huisje. Later ontmoet Thea deze mensen nog eens, moet er even bij komen zitten maar ze spreken alleen Grieks. Toch is te begrijpen wat ze zeggen en bedoelen en Thea komt na een rondleiding door de tuin met nog meer fruit weer aan boord. De dagen vliegen voorbij en het is al weer 15 augustus als we naar Navpaktos varen, de meest authentieke middeleeuwse haven van Griekenland. We varen er met Melissa in maar het is te klein en te vol voor ons dus we gaan buiten de haven voor anker. We gaan met de dinghy naar land  maar zo mooi als het lijkt van buiten zo vies is het in het stadje. Het stinkt in de haven en er is veel verkeer in de nauwe straten zodat we binnen een uur weer aan boord zijn. Kunnen we tenminste koffie drinken zonder geurtjes. Het anker gaat de volgende morgen vroeg omhoog en met een flinke achterlijke wind zeilen we richting Trizonia. De wind neemt toe tot windkracht 7 en met alleen gedeeltelijk ingerolde kluiver stuiven( nou ja...) we over de flinke golven. In de baai van Triziona moeten we 3 keer anker-op voor het anker pakt maar dan liggen we ook vast als een huis. De ankergrond is prima maar het gras is hier nogal dik. Een motorboot met draaiende generator op het voordek komt naast ons liggen maar gaat tot ons grote genoegen op drift en moet voor de nacht de haven in. Gerechtigheid. We blijven hier 5 dagen liggen en presteren het niet één keer aan de wal te gaan. De baai is echter prachtig en we hebben geen haast. Daarna gaat het op de fok naar Galaxxidhi zo'n 20 mijl verder, dat door velen wordt geprezen. We hadden het plan om van hier uit met bus of taxi Delphi weer te bezoeken maar bij nader inzien willen we de boot hier niet alleen achterlaten. Als we na het winkelen weer even langs Melissa lopen zien we juist dat de olieman ten behoeve van een megajacht van vele miljoenen wel even onze boot opzij zal leggen en maakt aanstalten onze trossen los te gooien. Als hij dat daadwerkelijk had gedaan was Melissa door de strak staande ankerketting naar voren getrokken en dat valt met de hand niet tegen te houden. Op het moment dat hij ons dek betreedt grijpen we in waarna de in wit uniform gestoken havenmeester komt uitleggen dat we slechts enkele meters opzij moeten. Ik mopper want het betekent zoveel als opnieuw aanleggen maar ondertussen wurmt het grote jacht zich al tussen zijn soortgenoten waarbij eveneens veel onvrede ontstaat. Verleggen voor ons en de 5 boten naast ons hoeft ineens niet meer, waarschijnlijk omdat iedereen moppert. Als ik later ons havengeld bij de "charmant geklede en vriendelijk lachende havenmeester" wil afrekenen probeert hij me ook nog te belazeren. Een biljet van 5000 Drachmen (ong. f 37) dat ik op tafel leg, terwijl ik verder zoek naar gepast geld, is plotseling verdwenen. Ik merk dat er iets niet goed gaat en begin opnieuw te tellen. Als ik zeg dat er 5000Dr weg is komt het biljet plotseling met vele excuses onder de papieren van de havenmeester vandaan. Dit is een goed moment om me weer op een uniform af te reageren en ik vertel hem alvast dat ik weiger morgen de havenbelasting te betalen die volgens sommigen voor een maand geldt maar hier per dag wordt berekend. De lafaard vraagt me geen problemen te maken en ik denk van morgen zien we wel weer. We eten in een straatrestaurantje waarbij we door de hele familie inclusief kinderen worden bediend. Naast ons zit een gezelschap met enkel kleine kinderen die achter de rondlopende poezen aanjagen. Wij verwennen de poezen natuurlijk met lekkere hapjes en proberen een jochie op te voeden om met poezen om te gaan. Thea houdt hem een patatje voor om voorzichtig  aan de poes te geven maar tot hilariteit van iedereen steekt hij het in z'n mond. Weten wij veel hoe kinderen denken. Na een nacht met veel geluid en stank van de grote jachten besluiten we echter weer verder te varen en nemen Itea als doel. Daar liggen we als enige aan de grote pier waar we in 1986 met het cruiseschip de " Sea Princess" aan land kwamen. Omdat deze haven in de pilot niet als veilige haven bij slecht weer wordt aangemerkt komen hier weinig jachten waardoor we de enige betrekkelijk safe plek  aan de pier kunnen bemachtigen. Met 8 trossen naar de wal en het anker vooruit trekken we Melissa los van de kant. Dat blijkt geen overbodige luxe want de middagwind brengt hoge golven in de haven en het water slaat over de kade waarbij ons hele schip grijs van het zout wordt. s'Avonds is het weer bladstil en loopt de halve bevolking van Ithea op de pier te flaneren en worden we uitgebreid bestudeerd. Ook de havenkapitein, wederom in wit uniform, komt langs en zegt dat we onze scheepspapieren moet laten zien. Op zijn kantoor vraag ik hem of een jacht die twee dagen blijft ook twee keer belasting moet betalen. Als hij daarop bevestigend antwoordt zeg ik hem dat volgens mijn informatie uit officiële bron de belasting voor een hele maand geldig is. Hij wordt wat onzekerder en ik vertel hem dat ik voor een watersport tijdschrift een artikel schrijf over o.a. de tarieven in Griekenland. Ik laat hem mijn "Internationaal Certificaat Betreffende Bevoegdheid" zien met de naam van de ANWB en mijn pasfoto erop waarmee ik mij legitimeer als schrijver voor de ANWB.......Hij begint nu echt te zweten en klaagt dat de regels dit jaar al 3 maal zijn veranderd waarop ik hem vraag dan eerst maar eens een fax naar zijn superieuren te sturen omdat noch hij noch ik zich fouten kan permiteren. Hij zal het antwoord op de fax naar onze boot brengen en dan verder over de belasting praten. Het spelletje blufpoker hebben we gewonnen want vanaf dat moment hebben we de "Havenkapitein" niet weer gezien en ik kon me weer eens afreageren op ambtenaren. De volgende morgen nemen we de bus naar Delphi waarbij het halverwege plotseling hevig begint te regenen. We hadden al wel wat bewolking gezien maar meestal kwam er geen spatje uit, nu dus wel. We hebben desalnietemin een leuk uitje maar het valt ons op dat een eerste kennismaking meestal veel indrukwekkender is. Als de regen doorzet besluiten we om de uitgebreide video die we in '86 van Delphi maakten maar weer eens af te spelen en gaan terug naar de haven. Daar vinden we wat we al vreesden: alle buiten kussens door en door nat omdat de zonnetenten nauwelijks water hadden tegengehouden. We leggen alles in de nu weer schijnende zon te drogen en met de stevige wind is het ergste leed tegen het eind van de dag geleden. De rest droogt de komende dagen wel. Nadat we nog een nacht bij Andikizon met veel discolawaai hebben doorgebracht ligt het Kanaal van Korinthe voor ons. Het enkele kilometers lange kanaal heeft gigantisch hoge wanden waardoor je slechts een smalle strook lucht boven je ziet. Boven op de bruggen lijken de voetgangers speldeknoppen. De rekening voor passage van het kanaal valt ons niet tegen na alles wat we hoorden via de jachten tam-tam : f 225. Waarschijnlijk dankzij onze zee- en meetbrief waarin als onze lengte de waterlijnlengte wordt opgegeven en niet de lengte-over- alles. s'Avonds ankeren we in Korfos waar het wel uit te houden is en we enkele dagen blijven om ons voor te bereiden op de reis over de Egeische zee. We maken kennis met zeilers uit Athene die ons aanraden niet naar Athene te gaan wegens de luchtvervuiling en de ligplaats problemen. Omdat we met deze hitte toch al weinig zin hebben aan land te gaan hebben we niet veel stimulans nodig om Athene, waar we al eerder waren, letterlijk links te laten liggen. 30 EGEISCHE ZEE Onze voorlopige route gaat via Poros, Kithnos, Serifos en Paros. Angistri slaan we over want er staat nogal wat deining. Motorzeilend bereiken we de stad Poros waarbij we een enorme school "zwarte" dolfijnen zien. De aanblik van Poros met ondergaande zon is prachtig en als dit even later wordt vervangen door duizenden lichtjes hebben we naar ons  idee een eerste klas ankerplek. Ook in Kithnos, waar een zandbank twee rotsen met elkaar verbindt waarover een ezel heen en weer loopt levert de zonsondergang een romantisch plaatje op. Het is 4 september als we verder proberen te zeilen maar weer valt de wind weg. Ook vandaag hebben we wat sluierbewolking maar met 29 graden is het ons warm genoeg. In de baai van Serifos gaat ons anker weer de grond in en eten we op het kiezelstrand met uitzicht op Melissa. Noausa, onze volgende bestemming, is turquois van kleur en we blijven er een paar dagen liggen want er komt een kleine depressie over. De temperatuur zakt tot 24 graden en we worden weer actief. Thea vermaakt weer een avondjurk tot iets draagbaarders maar het oogt nog steeds (te) chique! In Dhenousa liggen we als enig jacht in de baai en we zwemmen naar het strand waar zich vakantiegangers in tenten hebben genesteld. Sommigen staan er voor langere tijd en hebben complete bouwwerken rond hun tent opgetrokken. Tot nu toe waren alle baaien voldoende ruim maar in Levtha, de volgende bestemming,is te weinig ruimte om rond te zwaaien en moeten we een achterlijn naar de wal brengen. Omdat onze bijboot nog in de davids hangt zwem ik maar met een lijn naar de wal zodat we snel aan de rotsen vastliggen. Het is wel oppassen voor de zeeegels want een prik daarvan leidt tot flinke zwellingen, de plastic schoenen moeten dus regelmatig aan. Onze voorlopig laatste bestemming, Kos, is nu eindelijk eens goed te bezeilen en we zijn er dan al aan het begin van de middag. In het restaurant waar we s'avonds eten zit het vol met Nederlanders die hier in grote getale neerstrijken. De tweede en derde avond gokken we beter met onze restaurant keuze. Bijna alle eettenten hebben tafeltjes aan de straatkant varierend van eenvoudig tot prachtig aangelegde tuinen. Deze laatste moet je echter wel ver van de touristische haven zoeken, maar de zoektocht wordt beloond. 31 TURKSE KUST Als we naar onze eerste bestemming in Turkije, de plaats Bodrum, willen vertrekken waait het inde haven al windkracht 6 zodat we de zeilen in de haven hijsen. Met een flinke snelheid stuiven we naar de Turkse kust waar we de haven bomvol met schepen aantreffen. We krijgen onze eerste "Turkse behandeling", een marina medewerker neemt onze landvasten aan en regelt een tweede Turk die water en electriciteit aansluit, wat een service vergeleken met de luie Grieken! Ze heten ons welkom en zorgen echt dat we het naar onze zin hebben. We moeten wel wennen aan de moskeëen die al om 5 's ochtends hun zeurderig gezang laten horen. Omdat Bodrum onze eerste Turkse haven is moeten we een "transitlog" regelen, een document dat ons als buitenlands jacht de gewenste bewegingsvrijheid in Turkse wateren geeft. Hiervoor zijn de stempels nodig van havenmeester, gezondheidsdienst, paspoortcontrole, douane en immigratie op een document dat eerst bij de kamer van koophandel moet worden gekocht en waarmee ik een hele middag bezig ben. Daarna ligt Turkije echter voor ons open en we vieren dat met een etentje in een voor ons gevoel zeer Turks en vriendelijk restaurant. We spreken nog geen woord Turks en het eten is totaal verschillend van wat we verwachtten, het smaakt echter heerlijk en is spotgoedkoop. 's Nachts klinkt tot twee keer toe het bilge alarm en dat wil zeggen: water in het schip. Ook horen we de waterpomp soms aanslaan en als de volgende morgen de aardlekschakelaar er ook uit ligt is de oorzaak snel gevonden: de boiler is lek. De Vetus boiler slechts 3 jaar oud blijkt door electrolyse tussen verwarmingselement en binnenwand zo lek als een mandje. Zelfs voor een Turk, die van een conservenblikje een auto maakt is dit niet te repareren en ik gooi de boiler in een container. Ogenblikkelijk verdwijnen isolatiemateriaal en fittingen want alles heeft in dit land nog waarde. Het betekent echter wel dat ik een nieuwe boiler uit Nederland moet laten komen want dit soort ingewikkelde en luxe zaken is hier niet te krijgen. De Turken wonen s'winters niet aan boord en in de zomer is het water warm genoeg. We ontmoeten vele zeilers waar we al eerder kennis mee hebben gemaakt en drankjes worden afgewisseld met bezichtigingen van het kasteel van Bodrum en inkopen doen in de oude stad. Thea wordt een prachtige Italiaanse zonnebril rijker en voor spotprijzen kopen we op Cartier gelijkende horloges die ook nog de tijd aangeven. 19 September gaan we weer verder en zien in de natuurlijke baai van Knidos de resten van de oude stad met z'n theater. Het is druk in deze wateren en de welbekende gullets, de prachtige houten, maar nautisch gezien onberekenbare schepen, zijn alom aanwezig. In de baai van Serce komen we weer oude bekenden, de Lady Melda, tegen die we voor het laatst in Italië hebben gezien en we zijn het erover eens dat de Turkse kusten veel mooier zijn dan de Griekse kusten en eilanden. We hadden al eerder gehoord "vergeet Griekenland en ga meteen door naar Turkije" en hoewel je daarmee Griekenland te kort doet is Turkije inderdaad mooier dan de Egeïsche eilanden. s'Nachts is het zeer luidruchtig in de baai door twee Deense boten die met dronken gelal en geschreeuw de acoustiek van de baai testen en ons uit de slaap houden. Als we de volgende morgen om half negen vertrekken zijn beide boten nog in diepe rust en alle luiken staan open. We varen Melissa tot op een meter van beide boten en geven met onze luide scheepshoorn een stevig ochtend concert afgewisseld met gebruik van de boeg- en hekschroef wat zo dichtbij zelfs een stokdove doet opschrikken. Nu en dan komt er een hoofd uit een luik dat snel weer wegkruipt als ze ons zien. Waky, waky rise and shine. Ik vraag waarom ze nu niet meer zingen en zeg te hopen dat hun kater hierdoor niet erger wordt. We wensen ze nog een prettige dag en zien op andere jachten mensen uit enthousiasme met de armen in de lucht staan. Onze dag kan ook niet meer stuk, wraak is zoet. Het wordt tijd voor ons om een winterplek te kiezen en daarvoor willen we naar Marmeris, Fetyi en Antalya. Marmaris is ons te vol en te touristisch terwijl Fetyi, hoewel aan een prachtige baai, te stil is in de winter. Het weer is nog steeds stabiel en dit zal naar verwachting tot november en mogelijk tot december duren. We brengen nog een bezoek aan het Griekse eiland Kastellorizon waar we midden in het kleine haventje voor anker gaan en een prachtig uizicht hebben op de kleurrijke huisjes rondom ons. Als echter s'avonds een disco vanuit een oude moskee zijn muziek over de haven laat schallen hebben we er alweer gauw genoeg van en is wat ons betreft dit mooie Griekse eiland onder de Turkse kust ook weer bedorven. Als we de volgende morgen vroeg vertrekken zien we een grote zwaardvis volledig boven water springen tegen een achtergrond van glinsterende zee en opkomende zon. Kekova roads, waar we twee nachten blijven is zeer bijzonder. Ook een beetje leguber want we liggen vlak bij enorme stenen graven (kekova) van duizenden jaren oud die in tientallen tegen de heuvel zijn gebouwd. Ook zijn onderwater de resten van een oude stad zichtbaar die door daling van de bodem onder water zijn verdwenen. Aan de oever zijn diverse restaurantjes waarvan de uitbaters ons met luid geroep en humoristische hulpmiddelen, zoals enorme schuimrubber handschoenen, proberen te lokken. Later komen we hier nog terug en eten dan vaak bij Ibrahim, die ons elke ochtend ongevraagd gratis vers witbrood komt brengen met zijn racebootje. Onze verse voorraden raken helaas op en we zijn gedwongen Finike binnen te varen. We kunnen er veel vers fruit kopen maar de haven is warm en lawaaierig. Als we met de boodschappen terugkomen besluiten we binnen een paar seconden om te vertrekken. Na 5 minuten liggen we buiten de haven voor anker en genieten van een rustige avond. Met kluiver en bezaan zeilen we de volgende ochtend om kaap Taslik Burnu op weg naar Cineviz Liman, een kleine baai tussen zeer hoge bergen. Het is er vol en we maken een  achterlijn vast aan een steen op het strand die ons zeker tot windkracht 2 in positie zal houden. Er staat echter geen wind en ik ben te lui om  een hekanker uit te brengen. s'Avonds breekt de hel los als een gullet met luidruchtige Fransen en een generator tot na twaalven de baai met lawaai tiraniseert en menig schip vraagt per megafoon of ze stiller willen zijn maar ze reageren nergens op en gaan gewoon door. Ook de volgende avond, als we bij Kemer voor anker liggen hebben we pech: bij een Club Med hotel schalt de disco tot kwart voor vier s'nachts en hoewel de muziek van goede kwaliteit is vertrekken weer snel om hier nooit weer terug te komen. We brengen deze dag een bezoek aan de oude stad Tekirova en dit is precies weer wat wij zoeken. De ochtend begint in alle stilte met vogelgeluiden (voor ons al heel bijzonder) en een vlakke zee. Tekirova is een twee duizend jaar oude stad met nog gedeeltelijk bestaande haven en helder water. We zijn het enige jacht en we leggen Melissa in de ingang van de haven voor anker. Met de bijboot gaan we naar de wal om de indrukwekkende ruïnes te bezoeken. We zitten een poos in het fraaie theater, genieten van de stilte en geven ons over aan gedachten wat zich hier allemaal in de vele eeuwen heeft afgespeeld. We kunnen echter wegens de toenemende golfslag hier niet blijven liggen en moeten tegen de avond weer verder. Ons laatste doel komt in zicht; Antalya onze overwinterplaats. We worden efficiënt naar een ligplaats bij Setur Marine geholpen en we verkennen de haven en keuren het restaurant. Met een grote stad in de buurt waarheen de minibus van de marina je gratis en zeer regelmatig brengt en haalt is het hier wel vol te houden. Het is een vrij nieuwe haven en Hassan, de directeur, doet werkelijk alles om het de bootbewoners naar de zin te maken. Elke week zijn er excursies, barbecues, fitnesclass, artclass, Turkse lessen en nog veel meer zodat we zonder aarzeling per 1 november voor 6 maanden een ligplaats reserveren. De rest van de maand oktober brengen we door in de omgeving van Kekova roads waarna we 1 november definitief onze ligplaats bij Setur Marina Antalya innemen. Al gauw maken we deel uit van de ongeveer 50 man tellende groep van Yachties, mensen die permanent aan boord wonen en daardoor betrekkelijk veel contact met elkaar hebben. Thea gaat 3 maal per week naar fitness en artclass en ik begin met de lange lijst van winterklussen. We bestellen stof voor de zeilkleedjes, kuiptent en kuipbank kussens en laten een nieuwe teakhouten loopplank maken. Ook voor de 8 dorade boxen die scheurtjes vertonen worden Burmateak exemplaren besteld. Klusjes worden afgewisseld met excursies, cocktailparty's en veel, heel veel praten, althans voor ons gevoel na zovele maanden betrekkelijke afzondering. En volgend jaar? Waarschijnlijk doen we in mei '97 mee aan de Eastern Mediterranean Yacht Rally die ons via de Turkse oostkust en Cypres naar Syrië, Libanon en Israël leidt en waarbij de deelnemers op vorstelijke wijze worden onthaald. Het zijn landen waar je als jacht alleen normaal niet komt maar waar je door deze uitbarsting van broederschap der volkeren (en natuurlijk het oog van de camera's) uiterst welkom bent.   We zullen zien, eerst deze winter overleven met volgens geruchten barre temperaturen van mogelijk rond de tien graden! Gerard en Thea AB Sailing Yacht Melissa